Trage schadebehandeling a.s.r., verzekerde failliet

De toekomst zag er mooi voor Amsterdammer Mo. Door hard werken een mooie, bijzondere plek in de hoofdstedelijke horeca. Tot een brand in april 2016 in een klap een einde maakt aan de nachtzaak.

Verzekeraar a.s.r. uit Utrecht stuurt haar personeel en slippendragers naar het schadeadres. Deze mensen wachten tot het onderzoek van de Technische Recherche is afgerond en doen dan in het geheim, zonder Mo te vragen om toestemming of medewerking, particulier onderzoek. Het oordeel van a.s.r. is  in een oogwenk klaar: brandstichting  met een negatieve rol van Mo. Het gevolg is dat Mo kan fluiten naar een voortvarende verzekeringsuitkering. Zelfs een voorschot op zijn schade wordt niet door a.s.r. verstrekt. Hoewel Mo nog inbrengt dat de deskundige onderzoekers van de politie hem in het geheel niet verdenken, baat dit hem niet. De mening van de politie doet er niet toe, dat zijn ”luie donders die aan brandonderzoek geen prioriteit geven”. Zo ervaart Mo de woorden van de advocaat van a.s.r. als hij in de Utrechtse Rechtbank zijn recht probeert te halen.

De rechtbank wikt en weegt en is vervolgens duidelijk in zijn tussenvonnis van juni 2017. De beschuldigingen van a.s.r. wijzen op een te vroeg ingeslagen denkwijze van a.s.r. en kan geen standhouden. Sterke beweringen “Mo is een brandstichter” hebben sterk bewijs nodig. Het bewijs ontbreekt en de rechtbank draagt a.s.r. op met ander bewijs te komen dan haar eigen scenario’s en gevolgtrekkingen van haar personeel.

Inmiddels is het horeca-pand van Mo herbouwd, maar is er geen geld om de inrichting opnieuw op orde te brengen. Met spijt in zijn hart besluiten de verhuurder en Mo de huur te beëindigen. Tot overmaat van ramp besluiten twee crediteuren niet langer te wachten op betaling van geleverde grondstoffen aan Mo. Het faillissement wordt aangevraagd en uitgesproken: Mo kan zich niet verweren. Mo heeft immers wel een dekking voor brandschade, maar geen geld van a.s.r. verkregen.

Met een ellendig gevoel over zijn misplaatste vertrouwen en naïviteit baalt Mo van de kwaadaardigheid van a.s.r.. A.s.r. blijkt dus niet het beloofde adres in moeilijke dagen. De wijze van werken door personeel, zelfbenoemde deskundigen en raadslieden van a.s.r. lijken boven de Wet verheven. Schadeverzekering en dekking bij a.s.r. is voor Mo slechts een loze belofte.

Reactie KIFID uitzending Kassa

Kifid: “Wij kunnen niet in discussie gaan over individuele zaken. Vandaar deze korte verduidelijking op de door Kassa voorgelegde vragen zonder in te gaan op de bijzonderheden van de beslissing in de klachtzaak Van de Wege (foto)/ Univé. Kassa heeft de beschikking over deze uitspraak met de overwegingen van de Geschillencommissie. Daarin is vastgesteld dat verzekeraar kan weigeren om de schade uit te keren als de oorzaak niet kan worden vastgesteld; met andere woorden als niet kan worden vastgesteld dat de schade verzekerd is. Daarvoor is altijd een melding nodig voordat het gebrek wordt verholpen. Kifid heeft in deze zaak niet kunnen vaststellen dat consument tijdig de, overigens substantiële, schade heeft gemeld. Er zijn integendeel aanwijzingen dat pas na de start van de reparatie een melding is gedaan. Daarmee is de verzekeraar niet in de gelegenheid gesteld om de oorzaak en de omvang van de schade vooraf vast te stellen en te taxeren. Kifid onderzoekt niet zelfstandig, wat de oorzaak is. Dat kwam in deze zaak ook niet (meer) aan de orde.

Lees hele bericht op vvponline.nl