Wanneer is een schade-expert nodig?

Bij grotere schades komt onze schade-expert bij u langs. Hij bekijkt wat precies de schade is en of deze verzekerd is. Soms wordt de schade ook telefonisch of via video chat afgewikkeld. Onze schade-expert is er ook om u te helpen en uw vragen te beantwoorden. Hij is uw aanspreekpunt en zorgt ervoor dat uw schade snel en goed wordt afgehandeld. Bent u het niet eens met de hoogte van de vergoeding? Dan mag u zelf een expert inschakelen. Wij noemen dat een contra-expert. Lees hierover meer bij punt 3 (Contra-expertise) van de brochure ‘Wat doet een schade-expert?‘.

Bron: Interpolis

Minister: ‘Verzekeraars moeten zich omtrent contra-expertise aan de wet houden’

Verzekeraars moeten zich aan de wet houden als het gaat om het vergoeden van de kosten van de contra-expertise. “Dit betekent dat de verzekeraar in het voor hem ongunstigste geval verplicht kan zijn een bedrag gelijk aan twee maal de verzekerde som uit te keren: eenmaal in verband met de expertisekosten en eenmaal in verband met de verzekerde schade”, schrijft minister Ard van der Steur in antwoord op Kamervragen van CDA’er Peter Oskam.

Half oktober stelde het CDA-Kamerlid een aantal vragen over de vergoeding van de kosten van de contra-expertise door verzekeraars. Zo zouden, volgens consumentenprogramma Radar, verzekeraars in veel polissen een clausule hebben waarin wordt gemeld dat de kosten voor de contra-expertise slechts deels vergoed worden in tegenstelling tot wat er in het Burgerlijk Wetboek geschreven staat.

De minister laat weten dat verzekeraars zich wel degelijk aan de wet moeten houden. “Uit de wet volgt dat de kosten ter vaststelling van de schade ten laste van de verzekeraar komen, indien zij redelijk zijn. Of de kosten redelijk zijn, is afhankelijk van een beoordeling van de omstandigheden van het geval. Het in algemene zin maximeren van de redelijke kosten tot een lager bedrag dan de verzekerde som is met voornoemde bepalingen niet verenigbaar. Welke kosten in een individueel geval redelijk zijn, is ter beoordeling aan de rechter”, aldus Van der Steur. Volgens de minister maakt het dan ook niet uit of de kosten voor de contra-expertise de verzekerde som overschrijdt.

Daarnaast meldt de minister dat de AFM toch een onderzoek zal doen naar dit onderwerp. Voorheen zag de toezichthouder geen reden om onderzoek te doen naar de vergoeding van de contra-expertise omdat er geen sprake zou zijn van structurele misstanden. “De AFM heeft mij laten weten dat zij naar aanleiding van de recente signalen over contra-expertise dit onderwerp expliciet zal opnemen in het jaarlijkse Klantbelang onderzoek naar de afhandeling van schades. Dit onderzoek start in december 2015. In de zomer van 2016 zullen de resultaten bekend zijn. Daarnaast wordt het onderwerp meegenomen in het doorlopende toezicht, naar aanleiding van recente signalen”, aldus Van der Steur.

Eerste publicatie door Aïda Brands op 18 nov 2015

Laatste update: 25 dec 2015 copyright:amweb

Bodemprocedure tegen Interpolis over grootte hagelstenen

Rechter moet beslissen: hoe groot kan een hagelsteen zijn?

Getroffen varkensboer procedeert tegen Interpolis

Kun je een hagelsteen ter grootte van een tennisbal nog wel een hagelsteen noemen? Of hebben we dan te maken met een weersfenomeen van een geheel andere orde dan een hagelbui? En mag je van een ‘eenvoudige’ boer verwachten dat hij er rekening mee houdt dat er ooit, tijdens een haast oudtestamentische onweersbui, een heel bombardement van dergelijke ijskogels op het dak van zijn stal neerdaalt? Om antwoord te krijgen op precies deze vragen heeft een varkensboer uit het Brabantse Someren een  bodemprocedure aangespannen tegen schadeverzekeraar Interpolis Achmea.

Bron: Volkskrant. Lees hier het volledige artikel.

Fraudeurs geven verzekeraars lik op stuk

Eric Horssius , Senior Schade-expert bij Krantz & Polak RESOLVE, Financier van procedures tegen trage schadeverzekeraars.

Ik maak bezwaar tegen de ongebreidelde macht die de grootinquisiteurs van de verzekeraars mijn inziens vertegenwoordigen. Ik bedoel hier de nieuwste vorm van eigen rechter spelen. De steeds verder gaande klucht, getiteld: “Verzekeraars geven fraudeurs lik op stuk”.

“Wie de verzekeraar oplicht, krijgt vanaf nu direct een rekening van 532 euro gepresenteerd. Dat is de consequentie van een nieuwe maatregel die verzekeraars met de steun van onder meer het ministerie van Veiligheid en Justitie en de Nationale Politie introduceren”.

Niemand die iets te zeggen heeft in dit land maakt zich zorgen over het onwaarschijnlijk hoge: “Wij van WC-Eend adviseren dat wij een boete mogen uitdelen aan wie wij maar willen-gehalte”. Je hebt het hier over een soort chantage-tak van de verzekeraars. Het betreft hier een zelfbenoemd A-team onder incasso bureaus, belast met het jagen op personen of instellingen die door een medewerker van een verzekeraar worden verdacht van witteboordencriminaliteit. Het slechte nieuws is dat verzekeraars ook nog eens vangnetten en wapens cadeau krijgen, juist van de overheid die ons dient te beschermen tegen chantage.

In de folders prijst de uitvoerende club So-Da.nl zich aan met woorden, en op een manier, waardoor er een gerechtelijk snufje aan deze nieuwe “Toetanchamon incasso medewerkers” lijkt te zitten. In werkelijkheid zijn het echter niet meer dan veredelde privé-graaiers.

De schadeverzekeraars dreigen uit te groeien tot een onaantastbare machtspositie. Dit ondanks dat verzekeraars zich in het naspel van gesloten verzekeringen en schades danig vergaloppeerd hebben en zich ernstig zorgen moeten maken over de toekomst. Al eerder rezen vanuit het ministerie van Justitie kritische geluiden over de bijzondere bevoegdheden die de speurneuzen van verzekeraars zichzelf toedichtten. Aangezien verzekeraars genoeg dossiers en zaken tellen die zijn betrokken bij schimmige deals, geeft het volgens mij geen pas om deze bedrijven en bureaus zelf nog eens te belasten met zulk maatschappelijk gevoelig speurwerk als bijvoorbeeld “verzekeringsfraude”. Het gaat mij vooral om die gedupeerden, die weliswaar geen onkreukbare engelen van uiterste administratieve accuratesse zijn, maar dan nog niet maar afgerekend kunnen worden als een ordinaire ladelichter.

Mijn ervaring is dat verzekeraars zeer eenzijdig een schadegeval laten onderzoeken, door overigens tekortschietend personeel of partij-informanten. In rapporten die ik onder ogen kreeg worden de feiten zo gerangschikt dat het imago van een verzekerde aan stukken werd gescheurd. De kans om zich tijdig tegen de aanklachten te verweren, krijgt men niet. Personen die ten gunste van een gedupeerde zouden kunnen getuigen, worden niet gehoord, omdat ze partijdig zouden zijn. Bovendien bedienden de speurneuzen van verzekeraars zich ook nogal eens van foutieve gegevens, wanneer hen dat van pas komt om verzekerden in de verdrukking te brengen. Met termen als «onbegrijpelijk en opmerkelijk», later ook vervangen door het eufemistische doch evenveel verdenking opwekkende «al dan niet opzettelijk onjuiste opgave doen» probeert men het beeld te creëren van een verzekerde die tijdens de schadebehandeling zichzelf aan het verrijken is. Ik ken een geval waar de boekhouding van een gedupeerde inderdaad een chaos was maar de speurneuzen van de verzekeraar er een kleptomaan en pyromaan rookgordijn van maakten.

Laat u niet zonder protest afvoeren en cremeren. Verzet u tegen een publieke maar particuliere executie door eigen rechtertje spelen van verzekeraars. Doe u zelf een groot plezier en weiger zo een onfatsoenlijke aanpak. Laat uw zaak en kansen op zijn merites beoordelen. Ik voorspel u: ZEER GROTE KANS dat autosuggestie, opzettelijke onvolledigheid en andersoortige manipulatie van gegevens uw zaak aan elkaar doen hangen, met kennelijk maar één doel: de onmiddellijke liquidatie van u en uw vordering tot schadevergoeding.

Tot slot. Over de vraag welke duistere doelen daarmee worden gediend, tast ook ik in het duister. Ik houd het op onheil dat verzekerde over zichzelf zou hebben afgeroepen door een zelfbewuste stijl van claimen of te weinig medewerking geven aan expertise of onderzoek. Dan wel ligt het aan de omvang van de gevorderde schadevergoeding en de daaruit voortvloeiende rancune in kringen van het schade- apparaat die, eenmaal samengebald in de Bloedraad van de ”Commissie tot Fraude Coördinatie” of “Speciale Zaken”, uiteindelijk wraak wil nemen, en wel door het inhuren van de «forensische» “onafhankelijke” partij informanten.

Verzekeraars: ‘advocaatkosten drijven premies op’

Het Verbond van Verzekeraars (zonder Verzekerden en zonder Polissen) heeft weer orakelt[1].

“Toegenomen advocaatkosten zijn één van de oorzaken voor de duurder geworden autoverzekeringen”. Hoewel de woordvoerder van het Verbond geen duidelijke verklaring heeft voor de stijging van de advocaatkosten, belet dit deze spreekbuis van de belangenbehartigers van verzekeraars niet om alvast aan te kondigen dat de premies voor verzekeringen: “weer moeten worden opgeschroefd om zodoende verzekeraars zich staande te kunnen laten houden”.

Zich waarschijnlijk realiserend dat deze conclusie niet gedragen wordt door de gestelde feiten doet de woordvoerder snel en op de nipper een ondersteunend motief toevoegen: “een andere oorzaak voor de stijgende kosten van autoverzekeringen is  –volgens het Verbond- dat steeds meer partijen schade willen verhalen op de aansprakelijke partij”.

Dat het Verbond slechts een lobby en belangenpartij is, komt nooit duidelijker naar voren dan op het moment dat woordvoerder Rudi Baars de microfoon neemt. Alleen hij is, namens het Verbond, in staat om de schuld van premiestijging te leggen bij gedupeerden. Ook de advocaten, die de belangen behartigen van die gedupeerden, doen in zijn ‘complotdenken’ mee aan deze forse premiestijgingen. Om redenen waar het Verbond ons naar laat raden, verzuimen zij de rol van schadebehandelaars van de eigen verzekeraars in hun feitenapparaat mee te nemen. Een ieder die echter thuis is in deze nare, zwarte wereld van verzekeraars, en  schade behandelen, weet hoe het er aan toe gaat. Een gedupeerde, die zich meldt zonder advocaat bij een verzekeraar, is –bij voorbaat- kansloos in het verkrijgen van een passende en redelijke schadevergoeding.

De situatie is grimmiger, schadebehandelaars van verzekeraars schromen niet om ook advocaten te ringeloren en te frustreren als het gaat om het verkrijgen van een betaling die een slachtoffer redelijkerwijze toekomt. Typerend is de behandeling van een verkeersslachtoffertje van 10 jaar oud, die vanwege de opgelopen zware verwondingen aan haar benen, nimmer meer een jurk of rok zal kunnen dragen. Verzekeraars achten het dan juist om tegen zo’n meisje te zeggen dat: “dat geen schade is, nu er immers hele fraaie maillots en broeken te koop zijn”. Met een dergelijke houding mag het Verbond zich niet afvragen waarom er meer en meer door gedupeerden gezocht wordt naar deskundige belangenbehartiging. De door het Verbond veroordeelde maar vooronderstelde “claimcultuur” is, vanwege de soms schrijnende, achterhaalde en zelfs achterlijke, schadebehandeling, slechts een reactie van gedupeerden op de door verzekeraars ingezette actie van altijd en overal te laat en te weinig willen vergoeden.

Opmerkelijk is dat het Verbond onveranderlijk de voorloper is van het aankondigen van premiestijgingen. Zij neemt, met alle liefde zo lijkt het, de rol op zich van verkenner, die de markt en haar temperatuur gaat peilen. Niet in de laatste plaats wordt de stemming gemeten van toezichthouders, consumentenorganisaties en politici. Deze beleidsbepalers worden over het algemeen deskundig door het Verbond in de hoek gezet, als het gaat om het argument dat verliezen van enige honderden miljoenen in een jaar “vanzelfsprekend” dienen te leiden tot premiestijging. Bijzonder sneu is het om te constateren dat beleidsbepalers zich deze praatjes onnadenkend laten aanmeten.  Ik herinner me nog goed dat toen ik werkzaam was in de kamer naast die van de holding-fiscalist van AEGON, zijn dagelijkse grap was dat “als een verzekeraar in de publiciteit kwam met winst, zij dat dan hun eigen fiscalist dienden te verwijten”.  Daarboven stelde deze toenmalige collega dat winsten in de ene sector “gelukkig” gebalanceerd kon worden niet met incidentele verliezen in de andere sector. “als het tegenzit in de ene sector, dan hang je dat aan de grote klok, als het structureel meezit in de andere sector(en) dan verdoezel je dat. Zo’n politiek doet aandelenpakketten en winkelcentra in de portefeuille komen”.

In het Rank Xerox verhaaltje van het Verbond (het kan net zo goed passend worden gemaakt voor hagelschade, stormschade etc., wordt de Zwarte Piet toegespeeld aan (de advocaat van) de gedupeerden. Nimmer wordt de Sinterklaas van de herverzekering een rol toebedeeld in deze repeterende klucht. In Nederland wordt, met doorbetaling van circa 40% van alle door Nederlanders betaalde schadepremie, de schadelast goeddeels neergelegd bij herverzekeraars. De conclusie dat daardoor feitelijk 60% premie teveel betaald wordt door Nederlanders, laat ik nu maar even voor wat het is. Het gaat mij erom dat het Verbond stopt met doorzichtige huilie huilie verhalen over de lage premies en verwijten aan individuele slachtoffers en hun advocaten. Het argument dat het collectief daarom meer premie moet betalen is stilaan rijp voor het historisch rariteitenkabinet. De olifant in de kamer dient benoemd te worden: verzekeraars willen elk jaar meer winst en zeker niet het appeltje voor de dorst in enig jaar opeten.

 

Eric Horssius is Gerechtelijk Deskundige en werkzaam als schadedeskundige bij Krantz & Polak RESOLVE te Bilthoven

[1] http://www.advocatenblad.nl/?p=86822

ZLTO: kleine verzekeraars vergoeden hagelschade wel na ‘ijsstorm’

Een aantal verzekeraars heeft, na overleg met ZlTO, inmiddels besloten om de hagelschade van (ijs)storm van 23 juni te dekken, ook al is alleen een stormschadeverzekering afgesloten.

“Het gaat met name om de kleinere verzekeraars die deze soepeler lijn gaan hanteren. Van leden weten wij dat Nationale Nederlanden, Delta Loyd en Klaverblad wel uitkeren. Aegon en Achmea vooralsnog niet”, zegt Hans Huijbers, voorzitter van ZLTO. Bij die verzekeraars voert ZLTO de druk op om toch coulance toe te passen.

ZLTO wil verzekeraars overtuigen van de bijzondere omstandigheden van de supercel met een ijsstorm tot gevolg. Stormschadeverzekeraars mogen niet hun verantwoordelijkheid ontlopen door zich te verschuilen achter regeltjes, zegt Huijbers. “Wij spreken over een ijsstorm en de grote verzekeraars verschuilen zich achter óf storm óf hagel. Het is te kinderachtig voor woorden. Ze laten mensen in de kou staan”,

Ervaring versus aandeelhouders

Volgens schade-expert Eric Horssius van Krantz-Polak klopt het dat tussen verzekeraars verschil is in coulance. “Het is in mijn ervaring zo dat kleinere verzekeraars beschikken over medewerkers met een lange staat van dienst en robuuste ervaring. Grotere verzekeraars (Achmea/Interpolis, ASR) beschikken over minder gekwalificeerde medewerkers die –reeds om die reden- vasthouden aan een grammaticale interpretatie van de polisvoorwaarden en niet aan de bedoeling van de partijen. Daarboven hebben grotere verzekeraars meer last van aandeelhouders die ook schadedirecteuren dwingen tot jaarlijks verbeterde winsten en dividenden. Aldus krijg je uitleg-verschillen die in Nederland in de regel worden opgelost door bekwame rechters.”

Horssius noemt een voorbeeld waarbij één van de verzekeraars ook de claim voor stormschade afwijst omdat er gedurende tien minuten een windsnelheid gemeten moet worden, hoewel dat nergens in de voorwaarden staat. Horssius denkt dat de rechter zich hierover moet buigen.

Gewasverzekering moet schade noodweer vergoeden

Het noodweer van eind juni heeft voor honderden miljoenen schade aangericht in de land- en tuinbouw. Veel ondernemers met een gewasverzekering zullen geen vergoeding krijgen omdat hagelschade daarin is uitgesloten, verwacht Eric Horssius, schade-expert bij Krantz & Polak Resolve. Volgens hem is dat niet terecht. Het ging om een complex van oorzaken. Het is zaak dat tuinders dit met hun brancheorganisaties oppakken en een schadevergoeding afdwingen.

„Verschillende organisaties en lokale besturen willen dat Noord- en Midden-Limburg en Zuidoost-Brabant als rampgebied worden aangemerkt. Op die manier wordt het makkelijker voor gedupeerden om schade vergoed te krijgen. Maar hoe zit het met de kansen om deze schade geheel of gedeeltelijk te verhalen op de bestaande verzekeringen?
De standaard gewasverzekeringen geven dekking tegen storm en overvloedig hemelwater. Hagel is daarin uitgesloten, want daar is een aparte verzekering voor. Verzekeraars doen nu alsof het bij het noodweer in juni alleen om hagel ging.

Het is echter een samenspel van factoren geweest, dat bij meteorologen bekend staat als ’supercel’. Daar zijn verschillende meteorologen van het KNMI en uit Wageningen het over eens. Een supercel is het zwaarste type onweersbui dat er bestaat, met zware neerslag en windstoten. Dit verschijnsel staat niet als uitsluiting in polisvoorwaarden vermeld. De supercel kan op meerdere manieren schade veroorzaken. Die factoren mag je niet los van elkaar zien. Al helemaal niet om vervolgens die ene factor, die is uitgesloten van verzekering, als oorzaak aan te wijzen.
Sommige bedrijven staat het water tot de lippen.

De verzekeraar zegt: het spijt ons bijzonder, maar we kunnen uw schade niet vergoeden. Dit valt net buiten de omschrijving. De meeste mensen worden afgescheept aan de telefoon door een medewerker van een call-centre. ’Het heeft geen zin om een schadeformulier in te vullen, want schade door hagel is niet gedekt’, vertelt zo’n achttienjarige medewerker dan. En dat tegen klanten die dertig jaar lang premie hebben betaald. Mensen laten zich te makkelijk met een kluitje in het riet sturen.
Ook de overheid heeft besloten om niet bij te springen.

Uiteindelijk staat de ondernemer in de kou. Maar wat je van verzekeraars hoort is niet de waarheid. Ga met je branche-organisatie en advocaten praten en wakker de discussie aan. Laat je niet afschepen. Begin desnoods een rechtszaak.

Ik schat de kans dat de rechter meegaat met deze visie op 100%. Je moet wel de stap zetten om naar de rechter te gaan. De meeste ondernemers zijn daar terughoudend in. Er moeten dus mensen zijn binnen de land- en tuinbouworganisaties die deze kar gaan trekken voor hun leden. Als men dit collectief doet hoeft het helemaal niet zo veel geld te kosten; hoogstens een paar duizend euro per situatie. Causaliteit is bekend terrein voor juristen, eventueel met hulp van weerkundigen.”

Eric Horssius,

Schade-expert bij Krantz & Polak Resolve.

Waterschade – verzekering (wet tegemoetkoming schade bij rampen )

waterschade verzekering (WTS)

Waterschade verzekering (WTS)

De waterschade in het zuiden van Nederland voor boeren en andere ondernemers kan oplopen tot een miljard euro. Daarvan zou de helft directe schade en de andere helft gevolgschade betreffen. Verschillende organisaties en lokale besturen willen dat Noord- en Midden-Limburg en Zuidoost-Brabant als rampgebied worden aangemerkt. Op die manier wordt het makkelijker voor gedupeerden om schade vergoed te krijgen. Staatssecretaris Martijn van Dam (Economische Zaken) liet eerder al weten daar niets voor te voelen, omdat mensen zich tegen waterschade konden verzekeren.

Komende donderdag 7 juli debatteert de Tweede Kamer van 10:00 tot 13:00 uur met staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken (EZ) over de waterschade in Zuidoost-Nederland. Dat is hard nodig nu deze zelfde Van Dam op 1 juli aan de Tweede Kamer schreef: “ Ik heb met eigen ogen kunnen vaststellen hoe omvangrijk de schade is, welke gevolgen dit voor de bedrijven heeft, maar ook de emotionele impact die dit heeft voor de ondernemer en zijn gezin. Soms kan een hele oogst als verloren worden beschouwd of heeft het zelfs gevolgen voor volgende seizoenen. Het is een grote klap voor de ondernemers”.

In dezelfde brief stelt de bewindsman dat een tegemoetkoming aan de gedupeerde bedrijven op grond van de Wet tegemoetkoming schade bij rampen (WTS) niet aan de orde is “omdat de geleden schade te verzekeren was”.

Krantz & Polak RESOLVE durft echter te stellen dat dergelijke schade NIET te verzekeren zou zijn geweest, althans niet tegen een aanvaardbare financiële tegenprestatie. Kort gezegd, verzekeraars, in een markt waar Hagelverzekeraars recent gedwongen werden om te stoppen omdat ze de vergrote regeldruk van DNB niet aankunnen, vragen te hoge en feitelijk onbetaalbare premies. Dan kun je niet zeggen dat dit soort risico’s te verzekeren zijn. Laat staan dat dergelijke risico’s goed te verzekeren zijn. Het is sterker, stel dat de verlangde premie “premietechnisch” gezien terecht hoog is gefixeerd, dan nog is het in strijd met de openbare orde en/of goede zeden als een tuinder, agrariër, of bloemenkweker een overeenkomst aan te laten gaan die leidt tot zijn financiële ondergang. Je kunt het tenminste niet domweg beoordelen als: je kunt het verzekeren dus de WTS is niet van toepassing. Opmerkelijk is dat bij een overleg over deze kwestie het Verbond van Verzekeraars, er als de kippen bij was om op haar website te melden dat de dergelijke risico’s goed te verzekeren zijn. Ook hier lijkt het belang van dit Verbond gelegen om de staatssecretaris te doen geloven dat de Nederlandse Verzekeraars een prima verzekering tegen hagel bieden.

Wat ons betreft wordt 7 juli besloten om de gedupeerden via de WTS te ondersteunen.

Wilt u iemand die aan u kant staat bij het vaststellen van water- en andere schades? Neem dan gerust contact met ons op.

Eric Horssius: Consument kan niet altijd vertrouwen op Kifid

Schade-expert Eric Horssius (foto, Krantz & Polak Resolve) zei zaterdagavond in een uitzending van het tv-programma Kassa dat consumenten niet altijd kunnen vertrouwen op de uitspraak van het klachteninstituut Kifid. Horssius stond Daan van de Wege bij in een zaak tegen Univé.

Het tv-programma besteedde in november 2015 aandacht aan het verhaal van Daan van de Wege. Door een lekkage onder de badkamer ontstond bij hem grote schade onder de vloer door zwam- en schimmelvorming. Door de houten draagconstructie dreigde instortingsgevaar. De kosten voor het herstel bedragen € 30.000. Als Van de Wege aanspraak maakt op zijn schadeverzekering geeft Univé niet thuis. De complete claim wordt afgekeurd en ook Kifid beslist in eerste instantie in het voordeel van Univé.

Lees meer